dinsdag 12 november 2013

Belgische honderdjarige oud-strijders tijdens het Frans Keizerrijk en ervoor

Laatste update 17-09-2015

De Belgische honderdjarige strijders van Napoleon en uit vorige eeuwen

Het jaar 2014 zal in het teken staan van honderd jaar oorlog. Men zal immers de eerste Wereldoorlog van 1914-1918 overal in herdenking nemen. Binnen mijn verzameling van honderdjarigen zitten er namelijk heel wat Belgische oud-strijders bij uit de Eerste Wereldoorlog van 1914-1918. Als ik nog wat verder in de tijd terug keer, stel ik vast, dat er ook honderdjarige Leopoldisten tussen mijn verzameling zitten. Vervolgens ook oud-strijders van 1830 en uit de Franse regeerperiode.

Andere merkwaardige feiten, die eerder werden beschreven door A. Verbouwe in zijn beperkte uitgave over West-Vlaamse Eeuwelingen 1189-1949, geeft het relaas weer van een zekere Alexander Goetgebeur (1089-1199?), die op 8 september 1199 in Ieper in het huwelijk trad met Marcelina De Breede (1099-1199?). Voor beiden was het hun zevende huwelijk. Alexander was op het ogenblik van zijn laatste huwelijk 110 jaar oud, terwijl zijn echtgenote honderd jaar en drie maanden oud was.

Het bruiloftsfeest, dat ruim acht dagen duurde werd door de kruistochtstrijdmakkers van Alexander Goetgebeur in vol ornaat en met wapens bijgewoond. Wanneer de gevierde en bejubelde oud-strijder overleed, werd niet achterhaald.

In de "Gazette van Gendt", van 1754 verscheen het lange verhaal en droevige lijdensweg van de in Brussel geboren D'Heer Kolonick (Maerte) (°1647) en te Roermond overleden op 6 maart 1754 en was ongeveer 107 jaar oud..

"Op jeugdige leeftijd, verliet hij zijn geboortestreek om als vrijwilliger toe te treden in het regiment van Strasser. Toen hij in 1683 deelnam aan de veldslag van Wenen tegen de Turken, werd hij er gevangen genomen door de Tartaren, die hem als slaaf door verkochten aan een Turkse boer nadat hij in erbarmelijke omstandigheden een jaar aan een stuk "kemels", kamelen had verzorgd. In de afgelegen streek boven de Zwarte Zee, waar er nergens sprake was van enige christelijke religie en zelfs geen andere mensen te bespeuren vielen, bracht hij er twintig jaar lang door in kommer en kwel.

Wanneer op een gegeven moment zijn meester en broeder in een woordenwisseling verzeild waren geraakt, werd D'Heer Kolonick, door de broer meegenomen naar het graf van Mahomet. Aangekomen te Constantinopel, wist hij te ontsnappen, maar werd opnieuw door zijn meester gevangen genomen, die hem vreselijk martelde door met gespleten stokken op de onderkant van zijn voeten langdurig te slaan. Zijn lijdensweg duurde veertien jaar om dan terug weer doorverkocht te worden aan een makelaar. Deze laatste, had hem eerder uit medelijden afgekocht en ook door het feit, dat onze Brusselaar de Duitse taal vloeiend kon spreken.

Te Temiswar (Hongarije), werd hij vrijgekocht door de graaf van Wallis en reisde hij van Wenen terug naar Brussel. Daar besliste het "Hof", om hem als invalide naar Roermond te sturen, waarbij hij de titel en betaling toebedeeld kreeg van "Capiteyn" voor de duur van zijn leven. Hij, wist zich daar op te monteren en huwde er  daar op 81-jarige leeftijd. Ondanks zijn lange lijdensweg die met martelingen gepaard ging, werd hij nooit ziek. Pas tijdens zijn laatste levensjaar, traden de ongemakken op, bleef hij langdurig te bed liggen, maar bleef tot op het einde van zijn leven helder van geest".

Vervolgens citeert diezelfde Verbouwe het relaas weer van, Jan Baptist Buyse, die in het Henegouwse dorpje Rozenaken in 1691 werd geboren. Gedurende 67 jaar was hij in de herberg "Het Kruysken" buiten de Gentse Poort te Kortrijk woonachtig, waar hij overleed op 26 april 1792. Jan Baptist streed met de legereenheden onder het bevel van Eugenius Van Savoye (1663-1736). In 1706 maakte Jan Baptiste de Slag van Ramillies mee in Waals-Brabant, de veldslag van Oudenaarde in 1708 en de bloederige veldslag bij Malplaquet in 1709.

Bronnen:
West-Vlaamse Eeuwelingen 1189-1949 van A. Verbouwe

Belgische 100-jarige oud-strijders uit het Frans Keizerrijk

Marlesse Lodewijk, die in 1770 werd geboren en van Franse afkomst was, vaarde ooit 
als scheepsjongen mee met het staatsschip "Océan" naar het eiland Réunion. Daar nam hij de biezen, om er in dienst te treden bij een rijke plantage-ondernemer, die hem als zijn eigen zoon aannam.

Oud-strijder Marlesse Lodewijk 1770-1874
Gazette van Brugge
14 februari 1874
In 1788 keerde hij naar Frankrijk terug, maar werd onmiddellijk van zijn vrijheid berooft en als deserteur aangehouden. Gedurende vier volle jaren zat hij opgesloten. In 1793 kreeg Lodewijk zijn vrijheid terug en werd als gevangenisbewaarder in de gevangenis der Karmelieten aangesteld. Ondanks de vele wisselvalligheden tijdens de Eerste Republiek bleef hij deze functie uitoefenen tot aan het Regime van dictator Napoleon I en werd vervolgens lijfwacht.

Vanaf dit ogenblik tot in 1817, maakte Lodewijk achtereenvolgens deel uit van vijf verschillende regimenten en nam deel aan de vele veldslagen. Eenmaal terug gekomen van het eiland Elba, werd hij bij een Zwitsers regiment tot 1830 als kantineverantwoordelijke benoemd.
Op zestigjarige leeftijd verhuisde hij naar het Henegouwse Courcelles, waar hij een klein huisje kocht en er verder leefde. Hij, leverde weliswaar het bewijs aan de toenmalige overheden, welke zijn rechten waren als aangenomen zoon van de welstellende planter. Lodewijk, bekwam daarvoor een toegekende schadevergoeding van 100.000 oude Belgische Frank.

Voor zover hij zich kon herinneren had Lodewijk geen familieleden meer.Als voormalig oud-strijder van het Franse Keizerrijk overleed hij te Courcelles vermoedelijk in februari 1874 en was hij reeds 103 jaar oud geworden. Of Lodewijk de Belgische nationaliteit aangenomen had, werd niet achterhaald.


Bidprentje Joannes Vanhoutte 1778-1879. Verzameling Leondyme
Joannes Vanhoutte
1778-1879
Brouckerius Florentijn Crispijn, die op 25 oktober 1777 werd geboren, werd samen met zijn vriend Joannes Vanhoutte, bij de Napoleonisten ingelijfd. Laatstgenoemde was afkomstig van Tielt en werd er op 29 januari 1778 geboren. Beiden wisten op een gegeven ogenblik de vlucht te nemen toen zij te Amiens gelegerd lagen en slaagden erin om terug thuis te komen.


Toen Florentijn als honderdjarige werd gevierd, nodigde hij zijn hoogbejaarde vriend met nog eens 170 genodigden uit om zijn jubelfeest te vieren, die te Zwevegem werd gehouden.

Joannes, die weduwnaar was van Agnès Boone, was sinds 1855 raadsman van zijn gemeente. Hij, overleed er op 4 februari 1879 te Meulebeke en werd 101 jaar en 6 dagen oud.

Oud-strijder Petrus Billestraeten (1783-1883) nam aan bijna alle veldslagen deel
Petrus Billestraeten
1783-1883
De in Leuven geboren Petrus Billestraeten, die op 2 juli 1783 het levenslicht zag, werd door pastoor Van Cauwenberg gedoopt.

Nadat zijn loting in 1800 plaatsgevonden had, werd hij bij het Franse leger ingelijfd en nam er deel aan bijna alle veldslagen van de Eerste Keizer. Ook de Slag van Waterloo stond op zijn palmares. Slechts eenmaal werd hij gewond.

Gazette van Brugge 25 juni 1883

Op 2 juli 1883, werd Petrus als honderdjarige gevierd in zijn geboortestad. Dit ging gepaard met een heuse feestelijke optocht, waarin de jubilaris plaatsgenomen had in een open gala-koets, die ter beschikking werd gesteld van hertogin d'Arenberg.


Petrus, overleed er op 13 november 1883 en werd 100 jaar, 4 maanden, 1 week en 4 dagen oud.

Nieuwsblad van Geel 20 augustus 1888
Jan Verhulst uit Wevelgem, die in 1888 de kaap van de honderd jaar reeds had overschreden, verloor zijn beide oren n.a.v. de vrieskou, nadat hij met de legers van Napoleon uit Moskou was teruggekeerd.


Oud-strijder Jean Joseph Goovaerts (1792-1893)
Jean Joseph Goovaerts
1792-1893
Koninklijk Museum
van het Leger en de
Krijgsgeschiedenis
Jean Joseph Goovaerts werd op 27 maart 1792 tijdens de Eerste Franse Republiek (1792-1804) te Weerde geboren. Wanneer in 1810 zijn militieloting plaatsvond te Vilvoorde, werd hij op 2 september 1812, toen Napoleon Bonaparte reeds lang de macht had en Keizer geworden was, bij een dragondersregiment ingelijfd.

Daar paarden toen zeldzaam waren, diende Jean Joseph met andere makkers zich te voet via Brussel, Leuven, Tongeren, Maastricht, Aken... naar Bremen te reizen. Daar werden zij allen van paarden voorzien. Jean Joseph, die stamnummer 93 toegewezen kreeg vervoegde zijn eenheid dat, onder het bevel was van Maarschalk Louis Nicolas Davout (1770-1823), die te Hamburg gelegerd lag.


Le Progrès 30 maart 1893. Verzameling Leondyme
Le Progrès, 30-03-1893
In 1813, na de veldtocht in Rusland werd Hamburg belegerd door de geallieerden. de dragonders kregen eerst de opdracht, om de boventallige inwoners de stad uit te drijven, dit om mondvoorraden te besparen. Ondanks dit gegeven, kwamen toch nog heel wat families om van de honger.Op bevel van Lodewijk XVIII (1755-1824), die de legers van Napoleon overwonnen had, moest de onverslagen Maarschalk Davout, Hamburg in 1814 verlaten.

De Slag van Waterloo, maakte Joseph niet meer mee, daar de legertroepen gedeeltelijk werden ontbonden en hij als soldaat niet meer opgeroepen werd.

Jean Joseph keerde naar België terug en trad op 15 oktober 1816 te Zemst in het huwelijk met de vijf jaar oudere Joanna Maria Bal (1786-1838), die als dienstmeid werkzaam was en kreeg met haar met zes kinderen. Tot aan zijn pensioen gerechtigde leeftijd oefende Jean Joseph het beroep uit van landbouwer.

In 1892, werd Jean Joseph, die reeds bij zijn dochter inwoonde, in zijn geboorteplaats als honderdjarige gevierd. Een erkenning, die hij reeds eerder in ontvangst had mogen nemen in 1857, was de Sint-Helenamedaille, waar hij trouwens fier op was. Jean Joseph, overleed op 21 oktober 1893 en werd 101 jaar, 9 maanden, 3 weken en 3 dagen oud.


Een andere oud-strijder uit deze periode was Pierre Larmoyeux, die op 5 maart 1795 te Ransart werd geboren. Deze voormalige soldaat uit de republikeinse periode overleed er op 23 december 1895 en werd 100 jaar, 9 maanden, 2 weken en 4 dagen oud.

Nieuwsblad van Geel 7 maart 1896
Leonardus Meesters, werd op 22 maart 1796 in Eigenbilzen geboren. Zijn loting vond plaats in 1815 en werd daarna bij het 42ste bataljon der Nederlanden ingelijfd. In 1830 werd hij bij de Maréchausseé ingelijfd, maar na enkele maanden nam hij in oktober van datzelfde jaar dienst bij de gendarmerie.

In 1853, werd Leonardus als rijkswachter op rust gesteld. Tijdens de verkiezingen voor de Kamer in 1896 vervulde hij als honderdjarige nog zijn kiesplicht en deed dit zonder bril.

Oud-strijder Leonardus Meester 1796-1896
Leonardus Meesters
1796-1896
Bovendien was hij de laatste overgebleven Belgische oud-strijder, die slag hadden geleverd.

Leonardus, die weduwnaar was van Maria Catharina Bogman, overleed in zijn geboortedorp op 24 maart 1896 en werd 100 jaar en 2 dagen oud.
Den denderbode 26 maart 1896










Als laatste oud-strijder uit het Franse Keizerrijk, die in België overleed, maar van geboorte afkomstig was uit het Franse Saint Victurnien, was Pierre Theillet. Volgens de opgezochte bronnen, werd hij geboren op 7 mei 1787. Doordat Franse archieven vernietigd werden, kon Pierre nooit in het huwelijk treden met zijn vriendin, waarmee hij nochtans veel kinderen had.

Nooit heeft hij zijn eigen geboorteakte kunnen bekomen, die nodig was om in het huwelijk te treden. Pierre, overleed op 29 augustus 1891 te Jumet en werd 104 jaar, 3 maanden, 3 weken en 1 dag oud.

Bronnen:
Den denderbode, 24 juni 1883, 31 maart 1893 en 26 maart 1896
Le Progrès, 30 maart 1893
De Werkman,2 november 1877 en 6 juli 1883
Gazette van Brugge, 14 februari 1874 en maandag 25 juni 1883
Nieuwsblad van Geel  van 20 augustus 1888 en 7 maart 1891

©Noël De Mey





Geen opmerkingen:

Een reactie posten